1921

Mooi zijn, pijn lijden

Mode is van alle tijden. Een blik in de roaring twenties toont vrouwen die graag modieus gekleed gingen, ook op het gebied van schoenmode. Liever een maatje te klein, dan er onelegant bijlopen. Wie mooi wil zijn, moet immers pijn lijden. Grootvader Piet Schmit signaleerde die tendens en bedacht een innovatieve service. In zijn schoenmakerij - dat jaar geopend in de Amsterdamse Stoofsteeg - introduceerde hij zijn specialiteit: schoenen verlengen! Die methode kennen we nu nog steeds, maar wordt vandaag de dag ‘oprekken’ genoemd. De modebewuste dames juichten het initiatief toe en stroomden massaal naar de Stoofsteeg.

Schoenen uit Brabant
Het ging grootvader Piet voor de wind. Naast schoenen repareren en verlengen, besloot hij ze ook te gaan verkopen. Nieuw schoeisel haalde hij in Brabant, de provincie die toen heel Nederland van schoenen voorzag. Met de trein of de auto bezocht hij de fabrieken, selecteerde toen al uiterst modieuze schoenen, en gaf daar zijn orders door. Maar de tijd van feesten en Charleston dansen veranderde in een periode van economische terugval. De crisis noodzaakte Piet z’n schoenmakerij te sluiten en te verhuizen naar Beverwijk. Als ware ondernemer vocht hij zich echter door de lastige tijd. Hij opende zijn eerste schoenenwinkel.

1940

Voorraad onder de trap

Na een korte periode van succesvol schoenen verkopen, brak de Tweede Wereldoorlog uit. De Duitsers marcheerden Nederland binnen en besloten dat je schoenen voortaan alleen met een distributiebon kon krijgen. Als het even kon, haalde de bezetter al het schoeisel uit de winkels weg. Uiteraard voor zichzelf. Piet Schmit verstopte zijn voorraad letterlijk onder de trap. En omdat hij boven de winkel woonde, kon hij z’n kostbare kapitaal dag en nacht bewaken.

Weer oog voor mode
Na de oorlog braken nieuwe, voorspoedige tijden aan. Nederland bouwde aan groei. Niet alleen economisch; de bevolking nam zienderogen toe. ‘Met blijdschap geven wij u kennis van de geboorte van…’ En al die ‘nieuwe’ mensen hadden nieuwe schoenen nodig. In die tijd werden aantallen verkocht die zelfs nu niet meer gehaald worden. Intussen had ook zoon Peter zijn intrede in de zaak gedaan. De winkel was inmiddels omgedoopt tot ‘Modehuis voor Schoenen’. De nadruk lag immers niet meer alleen op functioneel schoeisel, maar ook op modieuze exemplaren.

1950

Hoogwaardige schoenmerken

Peter reisde in die tijd veel naar Noord-Brabant om daar in de fabrieken schoenen in te kopen. Uit die tijd stamt al de relatie met de hoogwaardige schoenmerken Van Bommel en Van Lier. Grootvader Piet wilde aanvankelijk niets missen van het inkoopproces, maar liet geleidelijk de teugels vieren. Het centrum van de schoenproductie lag toen in Waalwijk. De keuze van aanbieders was beperkt: hooguit één fabrikant van pantoffels en een stuk of drie aanbieders van herenschoenen. Maar ook al in die tijd zocht Peter voor dames en heren die exemplaren uit die enorm onderscheid maakten in kwaliteit en design.

1960

Italiaans design verovert harten

De grenzen vervagen. Italië kondigt zich aan als modeland en toonaangevend schoenproducent. Dat prikkelt Peter om de buitenlandse beurzen te gaan bezoeken. De lijnen van de schoenen en het karakteristieke Italiaanse design veroveren zijn hart, en later ook die van zijn klanten. Hij wordt lid van een aankoopvereniging en besluit ook zelf schoenen uit Italië te importeren. Met het verruimen van zijn blik toont hij dezelfde pioniersgeest van zijn vader, maar dan vertaald naar de huidige tijdgeest. De eerste beurzen vinden in Bologna plaats, later verhuizen die naar modestad Milaan.

1970

Start van overnames

De business gaat voorspoedig, zodanig dat Peter plannen heeft voor uitbreiding. In Leiden vind hij een geschikt tweede filiaal. Ook schoenwinkel Hollants kenmerkt zich als familiebedrijf met dito normen en waarden. Maar opvolging ontbreekt. Peter besluit de zaak over te nemen en de naam te handhaven, mede uit respect voor de generaties eigenaren die zo hun best hebben gedaan de winkel op dat hoogwaardige niveau te krijgen. Ook de klanten in die regio associëren de naam Hollants met kwaliteit en vertouwen. Twee jaar later volgt overname van de winkel van Vollaerts in Haarlem. Ook die naam blijft gehandhaafd.

Buitenland als voorbeeld
Ook bij de zonen van Peter blijkt de liefde voor schoenmode in de genen te zitten. Uit eigen keuze besluiten Marcel, Rob en Wilmar (in die volgorde) hun intrede in het bedrijf te doen. Eerst doen zij nog werkervaring op in Duitsland en Italië. De waardevolle kennis van toen komt nu nog steeds van pas. Veel bedrijven in het buitenland zijn een uitstekend voorbeeld voor Nederland, vooral op het gebied van klantcontacten. De stijlvolle bedrijfsvoering en hoogwaardige serviceverlening van vandaag vindt zijn oorsprong dus mede in die voorbeeldlanden. Vader Peter kijkt nog aan de zijlijn mee.

1986

Wens vervult

Opnieuw doet zich een mooie kans voor. Voor de drie broers staat uitbreiding naar de stad al langer op het verlanglijstje. Een winkel in de grotere stad betekent immers een groter bereik. In het centrum van Alkmaar opent het drietal een geheel nieuw, stijlvol filiaal. Het is direct een goed lopende winkel. De winkel krijgt de naam Schmit Schoenmode.

2000

Afstemmen op doelgroep

Het concern groeit verder. In Hoorn nemen Rob, Marcel en Wilmar de winkel van Paul Warmer over. Daarna volgen Wassenaar, Enschede en Gouda. Op die manier realiseren de gebroeders Schmit een fraaie geografische spreiding van winkels. De filialen hebben overigens een gedeeltelijke overlap in collectie, maar bieden elk vooral ook producten aan die zijn afgestemd op de lokale doelgroep. Hier wat modieuzer, elders weer iets sportiever. Luisteren naar de klant betekent nu eenmaal ook inspelen op lokale voorkeuren.

2005

Trends komen, trends gaan

Nog steeds is Italië de belangrijkste leverancier van schoenen. Voor veel consumenten staat Italiaans design nog steeds voor kwaliteit en uiterst modieuze producten. ‘Wat vind je van mijn laarzen? Ze komen uit Italië.’ Het is de vaak gehoorde uiting van de modebewuste vrouw. Daarnaast blijven Van Bommel en Van Lier belangrijke Nederlandse pijlers. Ook komen er schoenen uit Engeland, Frankrijk, Denemarken en Japan. Maar smaken wisselen elkaar steeds sneller op. Trends komen en gaan weer. Rob, Marcel en Wilmar volgen die trends kritisch. Daardoor wisselt de collectie regelmatig. Elk seizoen weer nemen merken afscheid en maken andere merken hun entree.

2012

Digitale winkel

Hun oog voor kwaliteit, service, design en modieuze producten in Boots, Belts & Bags levert de gebroeders Schmit nog steeds groei op. De winkelketen telt inmiddels achttien stijlvolle filialen. De nieuwste winkel staat in Veenendaal. Maar innovatie in het nieuwe millennium betekent ook digitale trends volgen. Om de service te vergroten, wordt een inspirerende webshop aan de winkelketen gekoppeld.

Stijl in één woord
Met de eigentijdse naam SHUZ (spreek uit: shoes) krijgt de keten herkenbaarheid en vallen alle verkooppunten onder één paraplu. Of beter gezegd: parasol. Want SHUZ laat de zon schijnen op hoogwaardige producten. Winkelen bij SHUZ moet een feest zijn. En daarbij horen goed advies, een mooie collectie, fraai ingerichte winkels - ook de nieuwe webshop - die alle herkenbaar zijn voor de bezoeker. Maar bovenal Boots, Belts & Bags met stijl. De Amerikaanse filmproducent Samuel Goldwyn verkondigde ooit: “Mode zegt: Ik ook. Stijl zegt: Ik alleen.” Een mooie gedachte om verder te kijken naar de toekomst. SHUZ: stijl voor vrouwen, mannen en kinderen!